Lesplan Vragen Om hulp (blokkenpuzzel)

Dit lesplan is gericht op het idee dat je niet alles zelf kunt doen en soms gewoon een beetje hulp van een ander nodig hebt. De leerling gebruikt zijn/haar probleemoplossende vaardigheden om te bepalen wanneer er hulp nodig is en vraagt vervolgens op de juiste manier om hulp die nodig is om de taak te voltooien. In dit geval is de taak het leggen van een blokkenpuzzel maken waarvan een stukje ontbreekt.

Doelstelling

Werken aan het probleemoplossend vermogen. Werken aan de vaardigheid om op een sociaal gewenste manier om hulp te vragen.

Vaardigheden die aangesproken worden

  • Zelfhulpvaardigheden
  • Communicatie
  • Probleemoplossing
  • Logisch denken
  • Oog-hand coördinatie
  • Ruimtelijk bewustzijn
  • Redeneer-, deductie-, analytische en rangschik-vaardigheden 

Benodigde materialen

Een blokkenpuzzel. In de webshop van Educratief zijn meerdere blokkenpuzzels te verkrijgen zoals Boerderijdieren, Gezonde Gewoonten, Groenten, Fruit, Zuivel en Actieve Kinderen. In dit lesplan gebruiken we de blokkenpuzzel Groenten. Je kunt natuurlijk elke kleine puzzel gebruiken voor deze activiteit of iets anders om in elkaar te zetten. Zolang je maar een stukje kunt achterhouden.

Aantal personen

Dit lesplan is geschreven als een 1-op-1 activiteit voor een leerling en een leraar, trainer of therapeut. Naarmate de leerling beter in staat is te herkennen wanneer er hulp nodig is en op een juiste wijze om hulp kan vragen wanneer die nodig is, kan deze les gemakkelijk worden overgezet naar een activiteit tussen twee leerlingen of kleine groepsactiviteit waarbij leerlingen elkaar om hulp vragen in plaats van de leraar. In deze gevallen kun je ervoor kiezen om een ​​puzzelstukje niet te verstoppen en de leerlingen de puzzel samen te laten oplossen.

Basisopstelling

Voordat de les begint, verwijder je ongezien een van de puzzelstukken en verstop je die op een geheime plek. Leg de overgebleven puzzelstukjes en de oplossingskaarten in een doos of bak zodat de leerling niet gemakkelijk kan zien dat er een blokje ontbreekt. 

De les

Begin de les door de leerling uit te leggen waarom het goed is dat mensen met elkaar praten om bijvoorbeeld informatie te vragen of te geven of sociaal met elkaar te zijn. Ook het vragen om hulp kan soms handig zijn. Mensen vragen om verschillende redenen om hulp. Bijvoorbeeld om iets van een hoge plank te laten pakken, de weg te vragen als ze verdwaald zijn of te helpen sjouwen als iets te zwaar is. Na het geven van een paar eigen voorbeelden kun je de leerling vragen om zelf situaties te benoemen waarin hij/zij hulp heeft gevraagd. Praat ook met elkaar over de manier waarop je dan het beste hulp aan iemand zou kunnen vragen. Dit kun je dan samen oefenen. Zo kom je samen tot de gewenste manier over de wijze waarop hulp gevraagd kan worden. Ter ondersteuning kun je de gewenste manieren opschrijven op het bord of een aparte kaart zodat de leerling ze kan zien.

Vertel de leerling vervolgens dat er een blokkenpuzzel gemaakt gaat worden die best lastig is. Maak duidelijk dat je verwacht dat de leerling je om hulp vraagt als die nodig is. Bij non-verbale leerlingen kun je leren om de aandacht te trekken door het opsteken van een hand, het gebruik van een gebaar of via ondersteunende communicatie zoals PECS of geautomatiseerde spraaksoftware.

Laat de leerling kiezen welke afbeelding hij/zij wil samenstellen (voor de puzzel Groenten kan er gekozen worden uit een paprika, broccoli, wortel, mais, komkommer of erwten. In dit voorbeeld lesplan kiest de leerling mais. De leerling mag de oplossingskaart eventueel als visuele ondersteuner naast zich of onder de blokkenpuzzel neerleggen.

cube-puzzle-pieces

Afhankelijk van de bekendheid van de leerling met de blokkenpuzzel, kun je een korte uitleg en wat tips geven. De gekleurde randen van de puzzel hebben verschillende patronen. De leerling moet eerst naar de oplossingskaart kijken om te bepalen welk patroon rond de rand van de gekozen afbeelding staat. Nu kan de leerling de blokjes allemaal gaan draaien zodat de goede rand overal boven ligt. De twee middelste stukjes van de puzzel hebben geen patroonrand. De leerling moet bepalen aan welke kant van de blokkenpuzzel deze stukjes moeten worden gebruikt door te zoeken naar herkenbare delen van de groente die ze in elkaar zetten. Hierbij kan de leerling kijken naar vorm en kleur of het totaalplaatje.

Als de leerling met de puzzel begint kan hij/zij om hulp vragen bij verschillende onderdelen van het proces. Van het draaien van de juiste randen tot het zoeken naar de middelste stukjes. Als de leerling op de juiste manier om hulp vraagt, dan help je met datgene waar hij/zij om vraagt. Als de leerling niet om hulp vraagt en vast loopt of zichtbaar gefrustreerd raakt dan herinner je de leerling er aan dat je er bent om te helpen, maar alleen als dat op een gewenste manier gebeurd. Wijs eventueel naar de samen opgeschreven regels.

Het is belangrijk dat de leraar tijdens deze les niet te veel helpt of hulp biedt waar de leerling niet om heeft gevraagd. Wanneer volwassenen op deze manier ingrijpen, hebben leerlingen niet de kans om voor zichzelf te beseffen waar ze hulp bij nodig hebben, laat staan ​​om te bepalen hoe ze de hulp kunnen krijgen die ze nodig hebben om het gegeven probleem op te lossen. Houd er rekening mee dat voor veel leerlingen met autisme en andere beperkingen, de uitdaging om de puzzel fysiek in elkaar te zetten gelijk of zelfs groter kan zijn dan de uitdaging om op de juiste manier om hulp te vragen met wat ze nodig hebben. 

Een leerling kan bijvoorbeeld wel vaststellen dat hij/zij hulp nodig heeft bij het matchen van randstukken, maar als de leerling het woord rand niet kent of geen andere manier kan bedenken om het probleem uit te leggen kan hij/zij gefrustreerd raken. Een leraar kan foutief aannemen dat dit komt omdat de leerling niet weet wat hij vervolgens moet doen, terwijl de leerling in feite heel goed weet wat er moet gebeuren, De leerling weet gewoon niet hoe er om hulp moet worden gevraagd.

Als een leerling om hulp vraagt, zoals: “Kun je me alsjeblieft helpen?” dan is dat super. Je kunt de leerling wel vragen om wat specifieker te zijn met de hulpvraag. “Waar wil je dat ik je mee help?”. Zo start je samen de communicatie op waar je naar op zoek bent!

vegetable-cube-puzzle-almost-finished

Op een gegeven moment zal de leerling gaan beseffen dat er een puzzelstuk ontbreekt. De leerling moet nu op de juiste manier laten weten dat de puzzel niet kan worden gemaakt. Het maakt niet uit wanneer dit gebeurt. Sommige visueel sterke leerlingen zullen onmiddellijk merken dat ze maar 11 stukjes hebben terwijl ze er 12 zouden moeten hebben. Andere leerlingen realiseren zich misschien niet dat ze een stuk missen totdat alle andere stukjes op hun plaats zitten. Het belang van deze stap is dat de leerling hulp vraagt ​​bij het vinden van het ontbrekende stuk.

Wanneer de leerling je vertelt dat het stuk ontbreekt, laat hem dan weten dat je een paar plaatsen kunt bedenken waar het zou kunnen zijn. Vraag of ze je hulp willen bij het vinden van het ontbrekende stuk. De leerling moet ermee instemmen dat hij/zij jouw hulp wil. Na een korte zoektocht “vindt” de leraar het ontbrekende stuk op de plek waar het is verstopt voordat de les begon. Als het de leerling niet kan schelen of het ontbrekende stuk gevonden gaat worden dan kun je voorstellen om samen het ontbrekende stuk te gaan zoeken. Veel leerlingen vinden het leuk om de helper van de leraar te zijn. Het is voor de leerling ook leuk om te zien dat een leraar een fout heeft gemaakt. Maak er iets leuks van. Van “Oh wat dom van mij” of “Oei ik was vergeten dat hij daar lag”. Maak er een feestje van. Dit maakt de les nog leuker en de leerling zal vaker een puzzel willen maken! Als de puzzel klaar is, dan zeg je tegen de leerling dat je erg trots op hem/haar bent. Dat er goed om hulp is gevraagd en dat de puzzel zonder de scherpe blik van de leerling niet gemaakt had kunnen worden.

Wees er scherp op dat de ene leerling alleen hulp nodig heeft bij het laatste stukje terwijl een ander door het hele proces ondersteuning moet krijgen en zowel fysiek als verbaal geprompt moet worden. Belangrijk is om altijd de focus op de communicatie te hebben en de juiste wijze waarop om hulp gevraagd is. Het zal de leerling in zijn latere leven alleen maar van pas komen als hij/zij anderen op een sociaal gewenste manier om hulp kan vragen.

Dit lesplan is een bewerking van het lesplan van Jenna Wharff (special education teacher at HOPEhouse at Cotting School, a transitional boarding school for students age 17-22 with special needs, in Lexington, MA)

Plaats een reactie